Geslaagde bijeenkomst bewoners en studenten.

Ruim 60 studenten en vaste bewoners van de Delftse binnenstad zijn dinsdag 2 mei 2017 met elkaar in gesprek gegaan over thema’s zoals geluid, onderhoud, wonen, communicatie en straatbeeld. Deze avond in het Postkantoor was georganiseerd door Vereniging Studie en Studentenbelangen Delft (VSSD) en de belangenvereniging Oude en Nieuwe Delf. Hieronder een impressie. 

 Prof.dr.ir. Marja Elsinga (OTB Research for the Built Environment) ging in haar inleiding over ‘Verkamering in een solitaire kennisstad’  in op de vraag hoe je kunt omgaan met een historische kennisstad die te maken heeft toenemende instroom studenten. Wat zijn de kritische factoren? Hoe zorg je voor een balans tussen bewoners en studenten?

In twee gespreksrondes hebben studenten en vaste bewoners daarna nagedacht over oplossingen voor de overlast die door bewoners in de binnenstad wordt ervaren.

Oorzaken van de irritatie die vaak werden genoemd zijn onder andere: het verschil in leefritme, contactgeluiden als gevolg van de bouw van oude huizen, maatschappelijk niet  acceptabel gedrag, harde muziek, luid gepraat in de buitenruimtes (zowel overdag als ’s nachts), verrommeling rondom de woning en de hoeveelheid studenten achter een voordeur van wat vroeger een gezinswoning was.

 De deelnemers bespraken  diverse oplossingen. Drie punten die in de meeste gesprekken genoemd werden zijn:

  1. Investeer in communicatie met de buren (over en weer) ;
  2. Voeg nieuwe studentenkamers toe buiten de kwetsbare gebieden, onder andere door transformatie van leegstaande kantoorgebouwen;
  3. Naast de studerende- en niet studerende inwoners in de binnenstad, moeten ook huiseigenaren, gemeente en TU Delft hun verantwoordelijkheid nemen.

Communicatie kwam in alle gesprekken naar voren kwam als belangrijkste instrument. Een aantal voorstellen zijn:

  • Zorg dat je met je buren in contact komt en blijft. Klinkt als een open deur, maar gebeurt lang niet altijd. Bijvoorbeeld door één of twee keer per jaar wat met elkaar te drinken. Door de wisselende samenstelling van de huizen in de loop van jaren, vraagt dit een blijvende investering. Een student gaf het voorbeeld van studentenhuis waar iemand als een soort  “buurtambassadeur” is aangewezen en een aantal keer per jaar  – proactief – contact opneemt met de buren om te bespreken wat er goed en minder goed gaat. Ook kunnen zij hem bellen in geval van overlast.
  • Wissel telefoonnummers uit.
  • Spreek kleine en grote irritaties uit. Soms zijn irritaties vrij eenvoudig op te lossen. Een student vertelde dat het steeds dichtklappen van de zware voordeur als vervelend werd ervaren. Het plaatsen van een dranger bleek voldoende om dit op te lossen.
  • Binnen studentenhuizen is het van belang om “ huisregels”  met elkaar af te spreken en te handhaven. Beide groepen zagen kansen om door middel van het benoemen van een huisoudste / nestor per huis de communicatie te verbeteren en ervoor te zorgen dat de huisregels worden nageleefd.  
  • Nieuwe studenten zijn een belangrijke doelgroep van de huisregels. Het feit dat je niet meer bij je ouders woont, betekent immers niet dat je geen rekening meer hoeft te houden met je leefomgeving. De OWEE is een eerste gelegenheid om de nieuwe studenten te informeren, al krijgen zij die week een overdosis aan informatie te verwerken. Een betere gelegenheid is als de student (of welke nieuwe bewoner dan ook) zich inschrijft bij de gemeente. Een “Code of Conduct” kan dan overhandigd worden. Studenten en bewoners helpen graag bij het opstellen van deze gedragsregels.
  • Wissel best-practices uit.

In een aantal gevallen zijn technische oplossingen aan de woningen mogelijk. Isolatie van huizen is daarvan een voorbeeld, waarbij trappenhuizen speciale aandacht vragen. Hierbij spelen huiseigenaren een belangrijke rol. Het blijkt dat deze lang niet altijd hun verantwoordelijkheid pakken en soms lastig aanspreekbaar zijn voor bewoners van studentenhuizen.

 Studenten gaven aan dat het tekort aan betaalbare woningen een probleem is. Daarnaast sluiten de nieuwe studentencomplexen die worden gebouwd, niet aan op de woonwensen van veel studenten. Zij hebben veel meer behoefte aan ‘groepswonen’ in plaats van zelfstandige woonunits. Groepswonen is juist iets dat in de binnenstad goed mogelijk is. Dit moet dus ook vaker worden gerealiseerd buiten de binnenstad.

Een andere vraag die aan de orde kwam was de rol van de TU. Deze zet in op internationalisering en groei. Maar waar moeten al die studenten wonen?

Aanwezigen zijn positief over de initiatieven van Stichting Herontwikkeling tot studentenhuisvesting Delft die (langdurig) leegstaande kantoren en andere ruimtes herontwikkelt tot studentenwoning. Aanwezigen zijn benieuwd hoe de TU Delft, DUWO en gemeente deze initiatieven ondersteunen.

Voor het straatbeeld is goed onderhoud van de panden door de eigenaren van belang. Indien studentenwoningen beschikken over ruimte voor het stallen van fietsen, moet eigenaar / beheerder afdwingen dat deze worden gebruikt. Maar ook iets simpels als aandacht voor de raambekleding kan bijdragen aan een verzorgder straatbeeld.  

Een wat ludiekere oplossing is het introduceren van een “keurmerk” sociale studentenhuizen.

Tot slot zijn er ook wettelijke maatregelen wenselijk.  De bewoners zijn voorstander van de door de gemeente aangekondigde omzetvergunning waarbij het uitgangspunt ‘nee, tenzij’ geldt. Delft praat er al jaren over, terwijl in andere studentensteden dit al met succes wordt aangepakt.Wij hopen dat de gemeente hier tempo mee maakt. Immers, de verkamering gaat onverminderd voort!

VSSD zal zorgen voor een verslag en dit rondsturen aan de deelnemers. Vanuit de zaal kwam het voorstel om te komen tot een actielijst en deze bijeenkomst te herhalen. Belangrijk is ook dat naast de inwoners (zowel studenten als niet-studenten) moeten ook gemeente, TU Delft en huiseigenaren hun rol pakken.